
Silke van den Berg tekst Kjell Hoexum beeld
Het is tien uur ’s ochtends als stagiaire Salma Ali in de gele keuken van het Odensehuis in Rotterdam in een pan soep staat te roeren. Door de grote ramen valt de zon naar binnen en aan de houten tafel drinken een paar bezoekers al koffie. “Ik heb voor het eerst paprikasoep gemaakt”, zegt ze trots. Vorige week bakte ze voor het eerst appeltaart. Een van de bezoekers, die aan tafel zit met een kop koffie, knikt: “die was erg lekker!”.
In het Odensehuis in Crooswijk draait het om ontmoeten, meedoen en er gewoon even uit zijn. Mensen met geheugenklachten of beginnende dementie kunnen er binnenlopen voor een kop koffie, een activiteit of gewoon een goed gesprek. Een zinvolle dagbesteding staat centraal, maar net zo belangrijk is het gevoel dat je er gewoon mag zijn. Het Odensehuis is een initiatief van Samen010 en draait op de inzet van professionals, vrijwilligers en stagiairs.
Een van die stagiairs is de 18-jarige Salma. Ze komt uit Somalië en woont nog maar twee jaar in Nederland. Ze volgt de opleiding Zorg en Welzijn en loopt drie dagen per week stage in het Odensehuis. Daar helpt ze in de keuken, ontvangt ze bezoekers en leest ze elke week voor uit een Nederlands boek met spreekwoorden en gezegden. “In het begin was ik heel stil en zenuwachtig”, vertelt ze. “Maar hier heb ik veel geleerd. De taal, koken, praten met mensen. Ik ben hier wel 40% socialer geworden!”
Als er iemand binnenkomt, kijkt Salma meteen op. Ze schuift een stoel aan, zet een kopje thee neer en legt voor een van de vaste bezoekers alvast een puzzelboek klaar. Veel mensen hoeft ze niets meer te vragen. Ze weet waar iemand graag zit en wat iemand het liefst drinkt.
Als het stil wordt aan tafel, gaat ze er vaak even bij zitten. “Dan begin ik gewoon een gesprek”, zegt ze. “Soms is een klein praatje over het weer al genoeg. Daar kunnen mensen echt van genieten.”
Twee keer per week schuiven na de lunch de stoelen dichter naar elkaar. Met een kop koffie of thee voor zich gaat de groep aan tafel zitten. Het is tijd om voor te lezen. “Ik zit dan in het midden en iedereen is stil”, vertelt Salma. Ze leest voor uit een boek met Nederlandse spreekwoorden en gezegden. Voor de bezoekers, die te maken hebben met vergeetachtigheid, is het een goede oefening om samen na te denken over de betekenis. Al snel gaat het gesprek over vroeger en over situaties waarin zo’n gezegde werd gebruikt.
Voor Salma is het voorlezen een manier om de Nederlandse taal te oefenen. Soms struikelt ze over een woord en dat zorgt regelmatig voor gelach aan tafel. “Maar ze lachen me niet uit hoor”, zegt ze lachend. “We helpen elkaar. Zij helpen mij met Nederlands en ik lees hen voor.”
Deze website gebruikt cookies. Door gebruik te maken van deze website, geef je aan akkoord te zijn met het gebruik van cookies. Lees meer